Wat is de wet werkgebonden personenmobiliteit(WPM)?
Waar de wet vandaan komt en wat ze wel en niet regelt
De Wet werkgebonden personenmobiliteit is de officiele naam achter de WPM-rapportageverplichting. Dit artikel legt uit waar de wet vandaan komt, en wat ze wel en niet regelt.
Door Marvin Pupping, oprichter van Slinger
De Wet werkgebonden personenmobiliteit is de officiele naam voor wat de meeste mensen kennen als de WPM-rapportageverplichting. De wet zelf regelt iets specifieks: niet hoe bedrijven moeten reizen, maar dat zij moeten bijhouden en rapporteren hoe hun medewerkers dat doen. Dat onderscheid is belangrijk om het geheel goed te begrijpen.
Waar de wet vandaan komt
De WPM is een uitwerking van afspraken uit het Klimaatakkoord van 2019. Daarin is vastgelegd dat de CO2-uitstoot van mobiliteit fors omlaag moet, en woon-werkverkeer en zakelijke reizen vormen daarbinnen een aanzienlijk deel van de totale uitstoot. In plaats van meteen harde normen op te leggen, koos de wetgever voor een eerste fase van meten en rapporteren: eerst inzicht krijgen in de werkelijke cijfers, voordat er eventueel doelen aan verbonden worden. De wet trad op 1 juli 2024 in werking.
Wat de wet wel en niet regelt
De WPM verplicht werkgevers om jaarlijks te rapporteren, maar legt op dit moment geen maximum op aan de uitstoot zelf. Er is dus geen boete voor “te veel” uitstoot, wel voor het niet (op tijd) aanleveren van de rapportage. De wet regelt ook expliciet dat het gaat om geaggregeerde gegevens: totalen per vervoermiddel en brandstoftype, niet om individuele reispatronen van medewerkers. Privacy van medewerkers is daarmee vanaf het begin onderdeel van hoe de wet is opgezet, niet een latere toevoeging.
Hoe de wet zich verhoudt tot de uitvoering
De wet zelf is vrij compact; de uitvoering ervan ligt bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), die het praktische rapportageproces beheert: het digitale formulier, de deadlines, en de berekening van CO2-uitstoot op basis van de aangeleverde kilometers. Wie zich verdiept in “hoe moet ik dit doen”, komt dus eigenlijk niet bij de wet zelf uit, maar bij de RVO-uitvoeringsregels die daarop zijn gebaseerd.
Waarom de wet blijft evolueren
Sinds de invoering in 2024 is de wet al op onderdelen bijgesteld, meest recent met een voorstel om de drempel van 100 naar 250 werknemers te verhogen. Dat past bij hoe dit type wetgeving vaker werkt: een eerste versie wordt ingevoerd, en op basis van de praktijkervaring van de eerste rapportagejaren volgen aanpassingen. Voor werkgevers betekent dit dat de exacte regels de komende jaren nog kunnen verschuiven, ook al blijft het onderliggende doel (CO2-reductie via inzicht) hetzelfde.
Wat dit voor de praktijk betekent
Voor de dagelijkse uitvoering is het onderscheid tussen wet en uitvoeringsregels vooral academisch: een werkgever die aan de rapportageplicht wil voldoen, richt zich vooral op de RVO-uitvoering. Meer over hoe die rapportage er in de praktijk uitziet, lees je in WPM & CO2-rapportageverplichting: wat moet je als werkgever regelen?. Het helpt vooral om te weten dat de wet zelf relatief stabiel het doel vastlegt (inzicht in CO2-uitstoot van personenmobiliteit), terwijl de details (drempel, deadlines, aanleverwijze) via de uitvoering kunnen veranderen zonder dat de wet zelf wordt heropend.
Veelgestelde vragen over de Wet werkgebonden personenmobiliteit
De Wet werkgebonden personenmobiliteit is de Nederlandse wet die werkgevers verplicht jaarlijks te rapporteren over de CO2-uitstoot van woon-werkverkeer en zakelijke reizen van hun medewerkers, als uitwerking van afspraken uit het Klimaatakkoord van 2019.
De wet trad op 1 juli 2024 in werking, met de eerste rapportageverplichting over het kalenderjaar 2024.
Nee, op dit moment gaat het uitsluitend om meten en rapporteren. Er is geen wettelijk maximum aan de uitstoot verbonden, al kan de overheid op termijn alsnog een norm instellen.
De praktische uitvoering ligt bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), die het rapportageformulier, de deadlines en de CO2-berekening beheert.